De naam „schrebergarten“ komt van de Duitse orthopedisch arts Moritz Schreber, die leefde van 1808 tot 1861. Hij heeft zelf nooit een volkstuincomplex aangelegd, maar zijn ideeën over lichaamsbeweging en gezond leven voor kinderen lagen aan de basis van wat later zijn naam zou dragen.
Het is een van de bekendere gevallen waarbij iemand beroemder wordt door wat anderen in zijn naam doen dan door wat hij zelf deed. Hoe dat precies werkte, lees je hieronder.
Wie was Moritz Schreber?
Daniel Gottlob Moritz Schreber was een arts en pedagoog in Leipzig. Hij schreef boeken over lichamelijke opvoeding en geloofde sterk in de heilzame werking van frisse lucht, sport en tuinieren voor kinderen, vooral voor kinderen uit arbeidersgezinnen die in enge stadswijken opgroeiden. Zijn werk was in zijn tijd invloedrijk in Duitsland.
Schreber zelf richtte nooit een tuin of volkstuincomplex op. Hij overleed in 1861, lang voordat de eerste echte schrebergärten ontstonden.
Van idee naar volkstuintje: hoe de naam „schrebergarten“ ontstond
Na zijn dood waren er in Leipzig bewonderaars die zijn gedachtegoed wilden eren. Een van hen was Ernst Innozenz Hauschild, een schooldirecteur. Hij richtte in 1864 in Leipzig een vereniging op die speeltuinen voor kinderen aanlegde, geïnspireerd door de ideeën van Schreber. Die vereniging werd de „Dr. Schreber-Verein“ genoemd, als eerbetoon aan de gestorven arts.
In de loop van de tijd werden de speelplaatsen uitgebreid met kleine tuinpercelen, zodat ouders en kinderen samen konden tuinieren. Die tuintjes werden al snel informeel „schrebergärten“ genoemd, naar de naam van de vereniging. De naam sloeg aan en verspreidde zich over heel Duitsland en later ook naar andere landen.
Waarom juist zijn naam?
Schreber was in zijn tijd een bekende en gerespecteerde figuur. Zijn boeken over gezonde opvoeding waren populair en zijn naam stond symbool voor gezondheid, beweging en natuur. Dat maakte zijn naam geschikt als naamgever voor een beweging die precies die waarden uitdroeg. Het feit dat hij zelf nooit een tuin aanlegde, deed daar weinig aan af: zijn gedachtegoed was de inspiratiebron, zijn naam de vlag.
Dit soort naamsoverdracht komt vaker voor in de geschiedenis. Iemand formuleert een idee, een ander zet het om in de praktijk, en de naam van de eerste blijft hangen aan het eindresultaat.
Van Leipzig naar heel Europa
Wat in Leipzig begon als een lokaal initiatief, groeide in de tweede helft van de negentiende eeuw en het begin van de twintigste eeuw uit tot een brede volkstuinbeweging. Vooral in steden, waar arbeiders weinig ruimte hadden, werden volkstuincomplexen populair. De naam „schrebergarten“ reisde mee en is tot op de dag van vandaag de gangbare aanduiding in het Duits voor een kleine gepachte tuin in een volkstuinencomplex.
In Nederland spreek je van volkstuinen of moestuinen, maar in Duitsland, Oostenrijk en delen van Zwitserland is „schrebergarten“ nog altijd de alledaagse term. Ook in andere talen duikt het woord op als leenwoord, juist omdat de beweging zo sterk vanuit Duitsland groeide.
De herkomst van de schrebergarten is kortom een verhaal van indirecte naamgeving: Moritz Schreber inspireerde, een schooldirecteur handelde, en de naam van de arts bleef kleven aan de tuintjes die niets met zijn eigen handen te maken hadden.
