Kategorie: Pflanzen & Pflege

  • Koniferen im Kleingarten verboten: dit moet je weten

    Koniferen im Kleingarten verboten: dit moet je weten

    Seit dem 1. Januar 2020 sind Koniferen im Kleingarten verboten. Die neue Rahmenkleingartenordnung schließt sämtliche Nadelgehölz- und Koniferenarten ausdrücklich aus. Das gilt nicht nur für große Thuja-Hecken, sondern für alle Nadelgehölze, egal wie klein oder groß sie sind.

    Wer einen Kleingarten pachtet, ist an die Kleingartenordnung des jeweiligen Verbandes gebunden. Mit der Überarbeitung dieser Ordnung wurden Koniferen als unzulässige Pflanzenart eingestuft. Das hat praktische Folgen für alle Kleingärtner, die bisher Thuja, Fichte, Kiefer, Leyland-Zypresse oder andere Nadelgehölze gepflanzt haben oder noch pflanzen möchten.

    Warum sind Koniferen im Kleingarten verboten?

    Der Grund für das Verbot liegt in der Grundidee des Kleingartens. Ein Kleingarten soll der kleingärtnerischen Nutzung dienen, also dem Anbau von Obst, Gemüse und Kräutern sowie der Erholung. Koniferen passen nicht in dieses Bild, weil sie keinen Nutzwert haben und außerdem ökologische Nachteile mitbringen.

    Nadelgehölze beschatten angrenzende Parzellen stark, was vor allem in kleinen Gärten ein Problem ist. Außerdem versauern die Nadeln den Boden, was den Anbau von Gemüse und Obst erschwert. Vögel und Insekten profitieren kaum von heimischen Koniferen wie Thuja, weil diese als Nutzpflanze für einheimische Tierarten wenig zu bieten haben.

    Welche Pflanzen fallen unter das Verbot?

    Das Verbot umfasst alle Nadelgehölz- und Koniferenarten. Darunter fallen unter anderem:

    • Thuja (Lebensbaum), alle Sorten
    • Fichte (Picea)
    • Kiefer (Pinus)
    • Leyland-Zypresse
    • Scheinzypresse (Chamaecyparis)
    • Wacholder (Juniperus)
    • Tanne (Abies)

    Es spielt keine Rolle, ob es sich um eine Heckenpflanze oder einen einzelnen Zierstrauch handelt. Auch Zwergkoniferen in Kübeln oder Beeten fallen grundsätzlich unter das Verbot, sofern die örtliche Kleingartenordnung keine Ausnahmen vorsieht.

    Was passiert mit Koniferen, die bereits im Garten stehen?

    Das ist eine häufige Frage, gerade für Kleingärtner, die ihren Garten schon länger haben. In vielen Fällen fordern die Kleingartenvereine, bestehende Koniferen zu entfernen. Ob dafür eine Übergangsfrist gilt, hängt vom jeweiligen Verein und der regionalen Kleingartenordnung ab. Du solltest das direkt beim Vorstand deines Vereins nachfragen, da es keine einheitliche Regelung für Bestandspflanzen gibt.

    Wer eine neue Parzelle übernimmt, auf der noch Koniferen stehen, sollte im Pachtvertrag und bei der Übergabe klar klären, wer für die Entfernung verantwortlich ist. Im Zweifel liegt die Pflicht beim neuen Pächter, sobald er den Garten offiziell übernimmt.

    Welche Alternativen gibt es?

    Es gibt viele Heckenpflanzen und Sträucher, die im Kleingarten erlaubt sind und ökologisch mehr leisten als Koniferen. Gute Alternativen für Hecken und Sichtschutz sind:

    • Hainbuche (Carpinus betulus), schnittverträglich und dicht
    • Feldahorn (Acer campestre)
    • Liguster (Ligustrum vulgare)
    • Weißdorn (Crataegus), gut für Vögel
    • Schwarzer Holunder (Sambucus nigra)
    • Himbeere oder Brombeere als Nutzhecke

    Laubgehölze wie Hainbuche lassen sich gut schneiden en groeien tot een dichte haag. Ze bieden bovendien meer waarde voor vogels en insecten dan coniferen. Für den Sichtschutz innerhalb des Kleingartens sind auch Rankpflanzen an Zäunen wie Hopfen oder Weinreben eine praktische Lösung.

    Gilt das Verbot in ganz Deutschland?

    Die Rahmenkleingartenordnung dient als Vorlage für die Kleingartenordnungen der einzelnen Landes- und Regionalverbände. In den meisten Bundesländern haben die Verbände diese Regelung übernommen. Trotzdem können lokale Unterschiede bestehen, weil jeder Kleingartenverein seine eigene Gartenordnung hat, die auf der Rahmenordnung basiert, aber im Detail abweichen kann.

    Im Zweifelsfall ist die Gartenordnung deines Vereins maßgeblich. Lies sie durch oder frage beim Vorstand nach, welche Pflanzen konkret verboten oder erlaubt sind. Die Rahmenkleingartenordnung des Landesverbandes ist oft auf der Website des jeweiligen Verbandes einsehbar.

    Kurz zusammengefasst: Koniferen sind seit 2020 in Kleingärten nicht mehr erlaubt, das gilt für alle Nadelgehölze. Wer auf Nummer sicher gehen will, tauscht bestehende Koniferen gegen einheimische Laubgehölze aus. Das schützt vor Ärger mit dem Verein und tut dem Garten ökologisch gut.

  • Welke heg is toegestaan in de volkstuin? Regels en geschikte soorten

    Welke heg is toegestaan in de volkstuin? Regels en geschikte soorten

    In een volkstuin zijn niet alle heesters en heggen zomaar toegestaan. Welke heg je mag planten, hangt af van de regels van je volkstuinvereniging, de geldende gardenordnung (tuinreglement) en soms ook van gemeentelijke voorschriften. Over het algemeen geldt: inheemse, laagblijvende heesters zijn bijna altijd toegestaan, terwijl snelgroeiende coniferen zoals Leyland-cipres en veel sterk woekerend groen verboden zijn.

    Hieronder lees je precies welke heg in de volkstuin is toegestaan, welke soorten je beter kunt vermijden en waar je op moet letten als je een heg wilt planten.

    Welke heg is toegestaan in de volkstuin: de basisregels

    Volkstuinverenigingen hanteren al sinds het begin van de volkstuinbeweging regels over welk groen je mag planten. De kern is vrijwel overal hetzelfde: een heg in de volkstuin mag niet te hoog worden, mag de buren niet teveel beschaduwen en mag de onderlinge sfeer van openheid niet verstoren. In Duitsland, maar ook in Nederland, gelden in de meeste volkstuincomplexen de volgende basisregels:

    • De maximale hoogte van een heg aan de perceelgrens is vaak 1,20 meter tot 1,50 meter. Controleer altijd het reglement van jouw vereniging, want dit verschilt per complex.
    • Heggen aan de voorkant of langs paden zijn soms nog lager begrensd, bijvoorbeeld 80 centimeter.
    • Snelgroeiende soorten die moeilijk te beheersen zijn, zijn in de meeste tuinreglementen verboden.
    • Sterk woekerende planten, die de grond of buurtuinen overnemen via uitlopers, zijn niet toegestaan.

    Check altijd het specifieke tuinreglement van jouw volkstuincomplex. Dit is het enige document dat voor jouw situatie bindend is.

    Toegestane heesters en hegplanten in de volkstuin

    Inheemse heesters zijn vrijwel overal welkom. Ze zijn goed te snoeien, blijven beheersbaar en hebben meerwaarde voor vogels en insecten. Dit zijn de soorten die je in de meeste volkstuinen zonder problemen mag planten:

    • Meidoorn (Crataegus): stevige, doornige heg die goed snoeibaar is. Geliefd bij vogels vanwege de bessen.
    • Veldesdoorn (Acer campestre): groeit rustig en vormt een nette, dichte heg na regelmatig snoeien.
    • Haagbeuk (Carpinus betulus): houdt zijn bruine blad in de winter vast en geeft zo ook dan enige privacy.
    • Liguster (Ligustrum vulgare): halfgroenblijvend, compact en eenvoudig te snoeien. Bloeit geurig in de zomer.
    • Rode kornoelje (Cornus sanguinea): kleurrijke herfstkleur, goede begroeiing voor wilde tuinen.
    • Sleedoorn (Prunus spinosa): doornig en ondoordringbaar, met witte bloesem in het voorjaar.
    • Gele kornoelje (Cornus mas): bloeit vroeg in het jaar en draagt eetbare vruchten.

    Een gemengde heg van twee of meer van deze soorten is in veel volkstuincomplexen zelfs uitdrukkelijk aanbevolen. Zo’n heg is biodiverser, mooier door het jaar heen en robuuster tegen ziekten dan een heg van één soort.

    Verboden heggen en planten in de volkstuin

    Bepaalde soorten zijn in vrijwel alle volkstuinreglementen verboden, omdat ze te snel groeien, te hoog worden of te moeilijk te beheersen zijn. De bekendste voorbeelden:

    • Leyland-cipres (x Cuprocyparis leylandii): groeit wel 60 tot 90 centimeter per jaar en wordt zonder ingrijpen razendsnel enorm hoog. In de meeste volkstuinen uitdrukkelijk verboden.
    • Thuja (Thuja occidentalis): ook wel westerse levensboom. Groeit snel, wordt groot en is in veel tuinreglementen niet toegestaan als hegelement.
    • Japanse duizendknoop (Reynoutria japonica): een invasieve plant die via wortelstokken de hele omgeving overneemt. Vrijwel overal verboden, ook als heg.
    • Bamboe (ongecontroleerde soorten): woekert via ondergrondse wortelstokken ver buiten het eigen perceel. Alleen in een wortelbarrière soms toegestaan, maar in veel reglementen verboden.
    • Grote coniferen algemeen: soorten die van nature te groot worden voor een tuinperceel, zoals gewone fijnspar, zijn in bijna alle volkstuinregelingen niet wenselijk.

    Let ook op invasieve exoten die op de Europese unielijst van zorgwekkende soorten staan. Het planten of verspreiden van deze soorten is bij wet verboden, ook in de volkstuin.

    Hoogte en afstand tot de grens: waar let je op?

    Naast de soort speelt ook de plek van de heg een rol. In de meeste volkstuincomplexen gelden regels over de afstand die een heg tot de perceelsgrens moet houden. Dat is vaak minimaal 30 tot 50 centimeter, zodat je de heg ook aan de buurzijde kunt onderhouden. Overgroeiende takken mogen door de buur worden gesnoeid, ook als de heg op jouw perceel staat.

    De maximale hoogte van 1,20 tot 1,50 meter klinkt weinig, maar een goed gesnoeide heg van liguster of haagbeuk op die hoogte geeft prima afscheiding en voldoende privacy. Wie meer hoogte wil, doet er verstandig aan dit eerst schriftelijk voor te leggen aan het bestuur van de vereniging.

    Praktisch: wat doe je voor je een heg plant?

    Volg altijd deze stappen voor je begint:

    1. Lees het tuinreglement van jouw volkstuincomplex door. Kijk specifiek naar de secties over heesters, heggen en beplanting.
    2. Check of de soort die je wilt planten op een verboden- of aanbevolen lijst staat bij jouw vereniging.
    3. Meet de afstand tot de grens en de gewenste hoogte. Houd rekening met de volwassen hoogte van de plant na 5 tot 10 jaar.
    4. Twijfel je? Vraag schriftelijk toestemming aan het bestuur. Dat voorkomt problemen achteraf.
    5. Vermijd invasieve exoten, ook als ze niet expliciet in het reglement staan. De Europese regelgeving geldt altijd.

    Een heg van inheemse soorten die je goed bijhoudt, past in bijna elke volkstuin en geeft jou én je buren plezier door alle seizoenen. Kies een soort die past bij de maximale hoogte in jouw reglement, plant op de juiste afstand tot de grens en snoei jaarlijks. Dan zit je in de volkstuin met vrijwel elke inheemse heester goed.

  • Magnolie im Kleingarten: erlaubt oder nicht?

    Magnolie im Kleingarten: erlaubt oder nicht?

    Eine Magnolie im Kleingarten ist grundsätzlich erlaubt, aber nur unter bestimmten Bedingungen. Entscheidend ist vor allem die maximale Wuchshöhe: Laut der Rahmenkleingartenordnung, die seit dem 1. Januar 2020 gilt, sind Ziergehölze im Kleingarten nur dann zulässig, wenn es sich um halbhohe Arten und Sorten handelt, die nicht höher als 2,5 Meter werden. Das betrifft auch Magnolien.

    Das klingt zunächst einfach, hat in der Praxis aber einen Haken: Viele beliebte Magnolienarten werden im Laufe der Zeit deutlich höher als 2,5 Meter. Deshalb ist die Wahl der richtigen Sorte entscheidend, bevor du eine Magnolie in deinem Kleingarten pflanzt.

    Welche Magnolien im Kleingarten erlaubt sind

    Nicht jede Magnolie eignet sich für den Kleingarten. Großwüchsige Arten wie die Tulpenmagnolie (Magnolia x soulangeana) oder die Stern-Magnolie (Magnolia stellata) in ihrer Standardform können locker 4 bis 6 Meter hoch werden. Diese Arten überschreiten die 2,5-Meter-Grenze in der Regel deutlich und wären damit im Kleingarten unzulässig.

    Erlaubt sind dagegen kompakte, langsam wachsende Sorten, die dauerhaft unter 2,5 Meter bleiben. Im Handel gibt es inzwischen mehrere solcher Züchtungen, zum Beispiel zwergwüchsige Formen der Stern-Magnolie oder bestimmte Zwergsorten der Tulpenmagnolie. Kaufe dir beim Kauf unbedingt die Sortenbezeichnung und prüfe die angegebene Endwuchshöhe auf dem Pflanzenetikett oder in der Sortenbeschreibung des Händlers.

    Warum die 2,5-Meter-Regel für Magnolien im Kleingarten so wichtig ist

    Der Grund für diese Regelung liegt im Charakter des Kleingartens selbst. Ein Kleingarten muss laut Bundeskleingartengesetz zu einem wesentlichen Teil dem Anbau von Nahrungsmitteln dienen. Zu hohe Gehölze und Bäume nehmen anderen Parzellen Licht, verdrücken Nachbarbeete und verändern den Charakter der Anlage. Deshalb begrenzt die Rahmenkleingartenordnung die Höhe von Ziergehölzen auf maximal 2,5 Meter.

    Wächst eine Magnolie im Laufe der Jahre über diese Grenze hinaus, kann der Kleingärtnerverein einen Rückschnitt oder sogar die Entfernung der Pflanze verlangen. Das ist besonders ärgerlich, wenn man eine Magnolie über Jahre gepflegt hat. Eine Magnolie lässt sich außerdem schlecht auf Dauer stark beschneiden, ohne ihre typische Blüte und Form zu verlieren.

    Vor dem Pflanzen: das solltest du klären

    Bevor du eine Magnolie in deinen Kleingarten pflanzt, empfiehlt es sich, zwei Dinge zu tun. Erstens: Lies die Kleingartenordnung deines eigenen Vereins. Diese kann strenger sein als die allgemeine Rahmenkleingartenordnung. Manche Vereine erlauben zum Beispiel gar keine Ziergehölze außer einer bestimmten Anzahl oder Fläche.

    Zweitens: Sprich kurz mit dem Vorstand oder dem Fachberater deines Vereins. So vermeidest du spätere Konflikte und weißt genau, welche Sorten in deiner Anlage erlaubt sind. Das nimmt nur wenige Minuten in Anspruch und schützt dich vor einer unliebsamen Überraschung nach Jahren der Pflege.

    Kompakte Magnolien als praktische Lösung

    Für den Kleingarten kommen vor allem folgende Typen in Frage, sofern die jeweilige Sorte unter 2,5 Meter bleibt:

    • Zwergformen der Stern-Magnolie (Magnolia stellata), zum Beispiel Sorten wie „Centennial“ oder „Jane“
    • Kleinbleibende Sorten der Lilien-Magnolie (Magnolia liliiflora)
    • Bestimmte Hybride aus der „Little Girl“-Serie, die gezielt für kleinere Gärten gezüchtet wurden

    Prüfe bei jeder Sorte die Endwuchshöhe in der Sortenbeschreibung und wähle im Zweifel eine Sorte, die deutlich unter 2 Meter bleibt. Magnolien wachsen zwar langsam, aber stetig. Was heute noch unter der Grenze liegt, kann in zehn Jahren darüber hinausgewachsen sein.

    Kurzgefasst: Eine Magnolie im Kleingarten ist erlaubt, solange sie dauerhaft unter 2,5 Meter bleibt und die Vereinsordnung nichts anderes vorschreibt. Wer die richtige, kompakte Sorte wählt und das vorab mit dem Verein klärt, genießt die Blüte ohne Ärger.

  • Koniferen im Kleingarten: seit 2020 generell verboten

    Koniferen im Kleingarten: seit 2020 generell verboten

    Koniferen im Kleingarten sind seit dem 1. Januar 2020 in Deutschland generell verboten. Die neue Rahmenkleingartenordnung, die zu diesem Datum in Kraft getreten ist, schließt sämtliche Nadelgehölz- und Koniferenarten ausdrücklich aus. Das gilt unabhängig von Größe, Art oder Standort der Pflanze.

    Wer also Thuja, Fichte, Kiefer, Zypresse oder eine andere Konifere in seinem Kleingarten stehen hat, muss diese nach den aktuellen Regelungen entfernen. Das betrifft Neupflanzungen ebenso wie Bestände, die schon länger dort stehen.

    Warum sind Koniferen im Kleingarten verboten?

    Der Hintergrund des Verbots liegt im Charakter des Kleingartens selbst. Ein Kleingarten soll laut Bundeskleingartengesetz zu einem wesentlichen Teil dem Anbau von Obst, Gemüse und anderen Nutzpflanzen dienen. Koniferen passen nicht in dieses Konzept, weil sie keinen Ertrag liefern und gleichzeitig erheblich Platz und Licht wegnehmen.

    Dazu kommt ein praktisches Problem: Nadelgehölze können sehr groß werden und werfen starken Schatten auf benachbarte Parzellen. Das beeinträchtigt nicht nur den Anbau des eigenen Nutzgartens, sondern auch den der Nachbarn. Viele Kleingartenanlagen hatten deshalb schon vor 2020 eigene Regelungen zu Koniferen in ihren Parzellenplänen. Seit der neuen Rahmenordnung gilt das nun einheitlich.

    Welche Pflanzen sind als Sichtschutz erlaubt?

    Wer Sichtschutz oder eine lebende Hecke möchte, muss auf laubabwerfende oder heimische immergrüne Gehölze ausweichen. Erlaubte Alternativen sind zum Beispiel:

    • Hainbuche (Carpinus betulus)
    • Feldahorn (Acer campestre)
    • Holunder (Sambucus nigra)
    • Johannisbeere oder Stachelbeere als Beeren-Hecke
    • Himbeere oder Brombeere als niedrige Begrenzung

    Diese Pflanzen haben den Vorteil, dass sie gleichzeitig einen Nutzwert haben oder zumindest weniger Schatten werfen als Koniferen. In vielen Kleingartenanlagen gibt es genaue Vorgaben zur Höhe von Hecken und Gehölzen; schau am besten in deine Parzellen- oder Gartenordnung, bevor du neu pflanzt.

    Was passiert, wenn Koniferen noch im Garten stehen?

    Der Vorstand des jeweiligen Kleingartenvereins ist dafür zuständig, die Einhaltung der Gartenordnung zu überwachen. Wer beim Kontrollrundgang einen Verstoß feststellt, kann den Pächter auffordern, die Konifere zu entfernen. In hartnäckigen Fällen droht eine Abmahnung; im schlimmsten Fall kann das zur Kündigung des Pachtvertrags führen.

    Wie streng das in der Praxis gehandhabt wird, ist von Verein zu Verein unterschiedlich. Trotzdem solltest du das Risiko nicht unterschätzen: Das Verbot ist in der Rahmenkleingartenordnung klar verankert, und Vereine sind verpflichtet, es durchzusetzen.

    Bestandsschutz: gilt das auch für alte Koniferen?

    Eine häufige Frage ist, ob Koniferen, die schon vor 2020 im Garten standen, unter Bestandsschutz fallen. In der Regel gilt: Nein. Die Rahmenkleingartenordnung macht keinen Unterschied zwischen neuen und alten Pflanzen. Für konkrete Ausnahmen oder Übergangsfristen ist dein Kleingartenverein zuständig; frag dort direkt nach, wenn du eine alte Konifere hast und unsicher bist.

    Kurz samengevat: Koniferen im Kleingarten sind seit 2020 komplett verboten, egal ob neu gepflanzt oder alt. Wer auf der sicheren Seite sein will, entfernt bestehende Nadelbäume und greift für Sichtschutz oder Hecken auf erlaubte Laubgehölze oder Beerenobstsorten zurück.