Blog

  • Was ist eine Gartenlaube? Bedeutung, Typen und wofür sie genutzt wird

    Was ist eine Gartenlaube? Bedeutung, Typen und wofür sie genutzt wird

    Eine Gartenlaube ist ein kleines, meist offenes Gebäude im Garten, das Schutz vor Sonne und Regen bietet und gleichzeitig als Aufenthaltsort im Freien dient. Sie besteht typischerweise aus Holz oder Gusseisen und ist so gestaltet, dass man sich darin entspannen kann, ohne vollständig drinnen zu sein. Das macht die Gartenlaube zu etwas anderem als einem Gartenhaus: Sie ist offen, luftig und auf den Aufenthalt ausgerichtet, nicht auf Lagerung oder Schutz von Geräten.

    Der Begriff „Gartenlaube“ leitet sich vom Wort „Laube“ ab, was historisch einen überdachten, bepflanzten Gang oder Sitzplatz im Freien meinte. Heute wird der Begriff für viele verschiedene Bauformen verwendet, vom einfachen Pavillon bis zur aufwendig gestalteten Holzkonstruktion mit Rankpflanzen.

    Was macht eine Gartenlaube aus?

    Eine Gartenlaube hat einige typische Merkmale, die sie von anderen Gartengebäuden unterscheiden. Sie ist überdacht, hat aber keine vollständig geschlossenen Wände. Oft fehlen Wände ganz, oder es gibt nur ein Gitter oder Rankgerüst, an dem Pflanzen hochklettern. Der Boden ist manchmal befestigt (zum Beispiel mit Holzdielen oder Pflastersteinen), manchmal aber auch einfach Rasenfläche.

    Typische Materialien sind:

    • Holz (am häufigsten, klassisch und günstig)
    • Gusseisen (aufwendiger, oft bei historischen oder dekorativen Modellen)
    • Metall oder Aluminium (modern, pflegeleicht)
    • Kunststoff (günstig, aber weniger langlebig)

    Viele Gartenlauben werden bewusst mit Kletterpflanzen begrünt, zum Beispiel mit Rosen, Efeu, Wisteria oder Weinreben. Das gibt nicht nur Schatten, sondern macht die Laube auch zu einem optischen Highlight im Garten.

    Gartenlaube, Pavillon oder Pergola: was ist der Unterschied?

    Die Begriffe werden oft durcheinandergebracht. Eine kurze Übersicht:

    Begriff Merkmale
    Gartenlaube Überdacht, offen oder halb offen, oft mit Pflanzen, zum Sitzen
    Pavillon Freistehendes Gebäude, oft rund, mit Dach, manchmal mit Seitenwänden
    Pergola Offenes Rankgerüst ohne festes Dach, hauptsächlich für Pflanzen
    Gartenhaus Geschlossenes Gebäude mit Türen und Fenstern, zum Lagern oder Wohnen

    In der Praxis sind die Grenzen fließend. Manche Menschen nennen einen überdachten Sitzplatz mit Holzbalken und Rankpflanzen sowohl Gartenlaube als auch Pergola. Gemeint ist aber meistens dasselbe: ein geschützter Platz im Freien, an dem man sich aufhält.

    Wofür wird eine Gartenlaube genutzt?

    Die Gartenlaube dient in erster Linie als Aufenthaltsort. Man sitzt dort, trinkt Kaffee, liest oder isst im Freien, ohne bei schlechtem Wetter sofort ins Haus zu müssen. Für Familien ist sie oft ein beliebter Treffpunkt für den Sommer, für ältere Menschen ein ruhiger Rückzugsort im Garten.

    Praktische Nutzungsmöglichkeiten:

    • Als überdachter Esstisch für draußen
    • Als Spielbereich für Kinder (mit Schutz vor direkter Sonne)
    • Als gemütliche Leseecke oder Ruheplatz
    • Als Sichtschutz oder Gestaltungselement im Garten
    • Als Klettergerüst für Nutzpflanzen wie Weinreben oder Bohnen

    Gartenlaube im historischen Kontext

    Der Begriff „Gartenlaube“ hat in Deutschland auch eine kulturhistorische Bedeutung. Von 1853 bis 1944 erschien eine populäre deutsche Zeitschrift mit dem Namen „Die Gartenlaube“, die zu den meistgelesenen deutschsprachigen Zeitschriften des 19. Jahrhunderts gehörte. Der Name steht sinnbildlich für eine gemütliche, familiäre Atmosphäre, in der man sich wohlfühlt und unterhält. Das zeigt, wie tief das Bild der Gartenlaube in der deutschen Kultur verwurzelt ist.

    Auch in der Kleingartenkultur, also bei sogenannten Schrebergärten, spielt die Laube eine zentrale Rolle. In vielen Kleingartenvereinen gibt es klare Regeln, wie groß eine Gartenlaube sein darf und ob man darin übernachten darf. Das Bundeskleingartengesetz in Deutschland regelt das im Detail.

    Worauf achtest du beim Kauf oder Bau einer Gartenlaube?

    Wer eine Gartenlaube kaufen oder bauen möchte, sollte ein paar praktische Punkte berücksichtigen:

    • Genehmigung: In manchen Gemeinden braucht man für feste Bauten ab einer bestimmten Größe eine Baugenehmigung. Informiere dich vorher bei deiner Gemeindeverwaltung.
    • Material: Holz sieht schön aus, braucht aber regelmäßige Pflege. Metall oder Aluminium sind wartungsärmer.
    • Standort: Eine Gartenlaube steht am besten an einem Ort mit etwas Schatten, zum Beispiel unter einem Baum oder an einer Hecke, aber mit freiem Blick in den Garten.
    • Größe: Überlege, wie viele Personen die Laube gleichzeitig nutzen sollen. Für eine Familie mit Esstisch braucht man mindestens 3 x 3 Meter.
    • Bepflanzung: Kletterpflanzen brauchen Zeit, um zu wachsen. Wer schnell Schatten möchte, kann Hopfen pflanzen, der sehr schnell wächst.

    Eine Gartenlaube ist kein kompliziertes Bauwerk, aber ein kleiner Ort mit großem Wirkung. Sie verbindet das Draußen-Sein mit dem Schutz vor den Elementen und gibt jedem Garten einen natürlichen Mittelpunkt, an dem man gerne Zeit verbringt.

  • Kleingarten kündigen: een professioneel opzeggingsschrijven opstellen

    Kleingarten kündigen: een professioneel opzeggingsschrijven opstellen

    Een kleingarten kündigen muster is een voorbeeldbrief waarmee je je volkstuincontract op de juiste manier opzegt. Je vult de vaste onderdelen in, zoals naam, adres, pachtcontractnummer en gewenste einddatum, en stuurt de brief aangetekend op naar de vereniging. Hieronder vind je een concreet voorbeeld en alles wat je moet invullen om de opzegging geldig te maken.

    Wat staat er in een geldig kleingarten kündigen muster?

    Een deugdelijke opzeggingsbrief voor een volkstuintje bevat altijd een paar vaste elementen. Ontbreekt er één, dan kan de vereniging de opzegging als ongeldig beschouwen en loop je de opzegtermijn mis. Let op de volgende onderdelen:

    • Jouw volledige naam en adres bovenaan de brief.
    • Naam en adres van de vereniging of de verhuurder van de kleingarten.
    • Het contractnummer of perceelnummer zodat duidelijk is om welke tuin het gaat.
    • De datum van opzegging en de gewenste einddatum van het pachtcontract.
    • Een expliciete verklaring dat je het pachtcontract wilt beëindigen, bij voorkeur met de zin: „Hiermit kündige ich den Pachtvertrag fristgerecht zum [datum].“
    • Je handtekening onder de brief. Zonder handtekening is de opzegging in veel gevallen niet rechtsgeldig.

    Zorg dat je de brief aangetekend verstuurt of persoonlijk inlevert en een ontvangstbevestiging vraagt. Zo kun je bewijzen dat de opzegging op tijd binnenkwam.

    Concreet voorbeeld: een kleingarten kündigen muster

    Hieronder staat een invulbaar voorbeeldschrijven dat je direct kunt gebruiken. Vul de gemarkeerde velden in met jouw eigen gegevens.

    [Jouw naam]
    [Jouw straat en huisnummer]
    [Postcode en woonplaats]
    [Datum]

    [Naam van de kleingartenverein]
    [Adres van de vereniging]
    [Postcode en woonplaats]

    Betreff: Kündigung des Pachtvertrages, Parzelle Nr. [jouw perceelnummer]

    Sehr geehrte Damen und Herren,

    hiermit kündige ich den mit Ihnen geschlossenen Pachtvertrag für die Kleingartenparzelle Nr. [perceelnummer] fristgerecht zum [einddatum, bijv. 30. November 2025].

    Bitte bestätigen Sie mir den Eingang dieser Kündigung schriftlich.

    Mit freundlichen Grüßen,

    [Handtekening]
    [Jouw volledige naam]

    Pas de datum aan op basis van de opzegtermijn in jouw contract. Weet je de exacte einddatum niet? Lees dan verder bij de opzegtermijnen hieronder.

    Opzegtermijnen: wanneer moet de brief binnen zijn?

    In Duitsland valt het pachtcontract voor een kleingarten onder de Bundeskleingartengesetz (BKleingG). De wettelijke opzegtermijn bedraagt doorgaans drie maanden voor het einde van het pachtjaar. In de meeste gevallen loopt het pachtjaar tot 30 november, wat betekent dat je opzegging dan uiterlijk op 31 augustus binnen moet zijn bij de vereniging.

    Controleer je eigen contract op afwijkende termijnen. Sommige verenigingen hanteren kortere of langere termijnen of een andere einddatum voor het pachtjaar. Zet je de brief te laat op de bus, dan loopt het contract automatisch door naar het volgende jaar en ben je opnieuw een volledig jaar pacht verschuldigd.

    Redenen voor tussentijdse opzegging

    Normaal gesproken kun je het pachtcontract alleen tegen het einde van het pachtjaar opzeggen. Er zijn echter omstandigheden die een tussentijdse of buitengewone opzegging (außerordentliche Kündigung) rechtvaardigen:

    • Ernstige schending van de verplichtingen door de verhuurder, zoals niet nakomen van onderhoudsafspraken.
    • Verhuizing naar een andere stad of land, in sommige contracten als bijzondere opzeggingsgrond opgenomen.
    • Gezondheidsredenen waardoor je de tuin niet meer kunt bijhouden, mits dit aantoonbaar is.
    • Overlijden van de pachter, waarbij erfgenamen binnen een bepaalde termijn kunnen opzeggen.

    Bij een buitengewone opzegging vermeld je de reden altijd duidelijk in de brief en voeg je bewijs toe, zoals een doktersverklaring of bewijs van verhuizing. Overleg bij twijfel met de vereniging of een juridisch adviseur voordat je de brief verstuurt.

    Veelgemaakte fouten bij het opzeggen van een kleingarten

    Veel mensen sturen de opzeggingsbrief te laat of vergeten hem aangetekend te versturen. Dat zijn de meest voorkomende problemen. Maar er zijn meer valkuilen:

    • Geen perceelnummer vermelden: de vereniging kan de brief dan niet koppelen aan het juiste contract.
    • Geen handtekening: een getypte naam volstaat juridisch meestal niet.
    • Opzegging per e-mail: in veel gevallen niet geldig, tenzij het contract dit uitdrukkelijk toestaat.
    • Vergeten de tuin leeg op te leveren: na opzegging ben je verplicht de kleingarten schoon en vrij van persoonlijke eigendommen achter te laten. Doe je dat niet, dan kunnen de kosten op jou worden verhaald.

    Gebruik je het muster hierboven als basis, bewaar een kopie van de verstuurde brief en vraag altijd een schriftelijke ontvangstbevestiging. Dan staat je opzegging op papier en kun je het pachtjaar afsluiten zonder onnodige kosten of conflicten met de vereniging.

  • Kleingarten mit Dauerwohnrecht: wat het is en waar je op moet letten

    Kleingarten mit Dauerwohnrecht: wat het is en waar je op moet letten

    Een kleingarten mit Dauerwohnrecht is een volkstuin of kleintuinperceel waarop de eigenaar of huurder het recht heeft om er permanent te wonen, niet alleen als weekendverblijf of seizoensrecreatie. Dat onderscheidt dit type tuin fundamenteel van een gewone kleingarten, waar overnachten strikt beperkt is en permanent bewonen wettelijk verboden is. Het Dauerwohnrecht maakt van het tuinperceel in de praktijk een woonplek met eigen juridische status.

    Wat is een kleingarten mit Dauerwohnrecht precies?

    In Duitsland vallen volktuinen normaal gesproken onder het Bundeskleingartengesetz (BKleingG). Die wet stelt dat een tuinhuisje op een kleingarten maximaal 24 vierkante meter groot mag zijn en uitsluitend voor recreatief gebruik bedoeld is. Permanent wonen is daarin uitdrukkelijk niet toegestaan. Een kleingarten mit Dauerwohnrecht wijkt hiervan af: door een specifiek juridisch recht, vastgelegd in het kadaster of via een aparte akte, is permanent bewoning wél toegestaan op het perceel.

    Het Dauerwohnrecht zelf is geregeld in de §§ 31 tot 42 van het Wohnungseigentumsgesetz (WEG). Het geeft de houder het recht om een woning of een daartoe bestemde ruimte langdurig te bewonen, vergelijkbaar met eigendom maar dan zonder volledige eigendomsoverdracht van de grond. In de context van een kleingarten betekent dit dat het tuinhuisje of de bungalow op het perceel als permanente woonruimte is aangemerkt en ingeschreven.

    Hoe verschilt dit van een gewone kleingarten?

    Bij een standaard kleingarten mag je de tuin gebruiken voor het kweken van groenten, fruit en bloemen. Overnachten kan soms beperkt, maar je mag er niet je officiële woonadres van maken. Bij een kleingarten mit Dauerwohnrecht zijn die grenzen anders getrokken. Je mag er je hoofdverblijf houden, je er officieel laten inschrijven bij de gemeente (Einwohnermeldeamt) en het perceel als vaste woonplek gebruiken.

    Een praktisch verschil zit ook in de infrastructuur. Percelen met Dauerwohnrecht hebben doorgaans een permanente aansluiting op water, elektriciteit en vaak ook riolering. Dat zijn voorwaarden die bij gewone kleingärten zelden of nooit voor permanent gebruik zijn ingericht.

    Juridische aandachtspunten bij aankoop of huur

    Wie een kleingarten mit Dauerwohnrecht koopt of huurt, moet een aantal zaken goed controleren. Allereerst: staat het Dauerwohnrecht daadwerkelijk ingeschreven in het Grundbuch (het kadaster)? Mondeling of informeel afgesproken woonrechten hebben geen juridische waarde. Zorg dat je een actueel Grundbuchauszug opvraagt voordat je een overeenkomst tekent.

    Daarnaast is het belangrijk te weten of de gemeente of de kleingartenbeherende organisatie het permanente wonen formeel heeft goedgekeurd. Niet elk perceel dat informeel al jaren bewoond wordt, heeft een legaal Dauerwohnrecht. In sommige gevallen worden bewoners gedoogd, maar ontbreekt de juridische basis. Dat brengt risico’s mee, zoals een mogelijke handhavingsactie van de gemeente of het verlies van het recht bij eigendomsoverdracht.

    Controleer ook of de aansluitingen op nutsvoorzieningen voor permanent gebruik zijn goedgekeurd. Een tuinaansluiting voor recreatief gebruik heeft soms een lagere capaciteit of een andere tariefklasse dan een volwaardige woningaansluiting.

    Kosten: wat betaal je voor een kleingarten mit Dauerwohnrecht?

    De prijzen lopen sterk uiteen, afhankelijk van ligging, bebouwing en de regio in Duitsland. In stedelijke gebieden of populaire recreatiegebieden zijn bedragen van tienduizenden tot honderdduizenden euro’s geen uitzondering. Voor goed ingericht, permanent bewoonbare percelen nabij grotere steden zijn verkoopprijzen naar schatting rond 80.000 tot 250.000 euro in 2025 realistisch, afhankelijk van de grootte van het huisje en de kwaliteit van de voorzieningen. In toplocaties of bij bijzondere bebouwing kunnen de prijzen veel hoger liggen.

    Naast de aankoopprijs betaal je bij huur van de grond (Erbbaurecht of pachtverhoud) een maandelijkse pacht. Die is bij kleingartenverenigingen historisch laag, maar kan bij percelen met Dauerwohnrecht hoger uitvallen omdat het gebruik intensiever is. Informeer altijd naar de actuele pachtkosten en de looptijd van de pachtovereenkomst.

    Voor- en nadelen op een rij

    • Voordeel: goedkopere instap op de woningmarkt vergeleken met een reguliere woning of appartement in dezelfde regio
    • Voordeel: wonen in het groen met eigen tuin, dikwijls rustige omgeving
    • Voordeel: officieel inschrijfbaar als hoofdverblijf
    • Nadeel: bouwmogelijkheden zijn beperkt, uitbreiden is zelden toegestaan
    • Nadeel: regels van de kleingartenbeherende vereniging gelden ook voor jou als permanent bewoner
    • Nadeel: financiering via een hypotheek is lastiger, omdat banken dit type onroerend goed anders beoordelen dan een reguliere woning
    • Nadeel: de doorverkoopbaarheid is minder voorspelbaar dan bij een reguliere woning

    Is een kleingarten mit Dauerwohnrecht iets voor jou?

    Dit woonvorm is vooral interessant voor mensen die bewust kiezen voor een kleinere, goedkopere woonplek met veel buitenruimte en minder waarde hechten aan uitbreidingsmogelijkheden of klassieke hypotheekfinanciering. Het is minder geschikt als je op termijn wilt verbouwen, als je zekerheid over de grondstatus belangrijk vindt of als je afhankelijk bent van een reguliere bankhypotheek. Doe altijd juridisch vooronderzoek via een Notar of een gespecialiseerde vastgoedadvocaat, en laat het Grundbuch controleren voordat je iets tekent. Zo voorkom je dat je voor een gedoogde situatie betaalt alsof het een wettelijk gegarandeerd recht is.

  • Schrebergarten oder Strebergarten: warum heißt es so und nicht anders?

    Schrebergarten oder Strebergarten: warum heißt es so und nicht anders?

    Der Begriff Schrebergarten oder Strebergarten ist eine der häufigsten Verwechslungen im deutschen Sprachgebrauch. Die richtige Schreibweise ist Schrebergarten, nicht Strebergarten. Der Name stammt nicht von einem Streber oder einem Eiferer, sondern von einem Leipziger Arzt namens Moritz Schreber, der im 19. Jahrhundert lebte.

    Viele Menschen schreiben oder sagen „Strebergarten“, weil das Wort „Streber“ vertraut klingt und gedanklich mit dem Bild eines ordentlichen, regelkonformen Kleingärtners zusammenpasst. Das ist verständlich, aber sprachlich schlicht falsch. Wer nach „Strebergarten“ sucht, meint fast immer den klassischen Kleingarten mit Laube, Beeten und Gartenregeln.

    Woher kommt der Name Schrebergarten?

    Der Name geht auf Daniel Gottlob Moritz Schreber zurück, einen Arzt und Pädagogen aus Leipzig im 19. Jahrhundert. Schreber selbst hat nie einen Kleingarten angelegt. Nach seinem Tod benannte man eine Turn- und Spielwiese in Leipzig nach ihm. Diese Fläche diente zunächst als Bewegungsplatz für Kinder. Erst später wurde daraus ein Gartengelände, das Erwachsenen zur Bewirtschaftung überlassen wurde.

    Der Verein, der die Anlage verwaltete, nannte sich nach Schreber, und so setzte sich der Begriff „Schrebergarten“ im deutschen Sprachraum durch. Der Name hat also nichts mit Fleiß, Ordnungsliebe oder einem „Streber“ zu tun, auch wenn das auf den ersten Blick so klingt.

    Schrebergarten oder Strebergarten: wie entsteht die Verwechslung?

    Die Verwechslung ist lautlich erklärbar. „Schreber“ und „Streber“ klingen ähnlich, besonders wenn man den Namen schnell ausspricht oder zum ersten Mal hört. Dazu kommt die kulturelle Assoziation: Kleingärten gelten als Ort strenger Regeln, gepflegter Rasenflächen und peinlich genauer Ordnung. Ein „Strebergarten“ würde dazu passen. Genau das macht den Irrtum so hartnäckig.

    Im Alltag taucht „Strebergarten“ immer wieder auf, manchmal sogar in geschriebener Form. Es ist aber kein anerkannter Begriff und findet sich in keinem deutschen Wörterbuch als eigenständiges Wort.

    Was ist ein Schrebergarten eigentlich?

    Ein Schrebergarten ist ein parzelliertes Stück Land, dat iemand huurt van een gemeente of een vereniging om groenten, fruit en bloemen te verbouwen. Typisch voor een Schrebergarten zijn een kleine tuinhuisje (de Laube), vaste paden en gezamenlijke regels voor het gebruik van de tuin. In Duitsland worden zulke tuinen ook wel „Kleingarten“ of „Kleingartenanlage“ genoemd.

    Het gebruik van Schrebergärten is in Duitsland wettelijk geregeld via het Bundeskleingartengesetz. Dat bepaalt onder meer hoe groot een perceel mag zijn (doorgaans tot 400 vierkante meter) en welk deel voor voedselproductie gebruikt moet worden.

    Schrebergarten of Kleingarten: is er een verschil?

    In de praktijk worden Schrebergarten en Kleingarten door elkaar gebruikt en betekenen ze hetzelfde. „Schrebergarten“ is de populaire, historisch gegroeide naam. „Kleingarten“ is de officiële, juridische term die in de wet wordt gebruikt. Beide verwijzen naar hetzelfde concept: een gehuurde, kleine tuinperceel binnen een grotere tuinkolonie.

    Veelgestelde vragen over schrebergarten oder strebergarten

    Is „Strebergarten“ een woord? Nee. Het is een veelgemaakte schrijffout. Het correcte woord is „Schrebergarten“, vernoemd naar de Leipziger arts Moritz Schreber.

    Waarom denken mensen dat het „Streber“ heet? Omdat de klanken op elkaar lijken en het beeld van een ijverige, ordelijke tuinier de associatie met „Streber“ oproept. De werkelijke herkomst heeft daar niets mee te maken.

    Bestaat de oorspronkelijke Schreber-speelweide nog? De plek in Leipzig waar alles begon bestaat niet meer in de oorspronkelijke vorm, maar de naam Schreber leeft voort in duizenden tuinverenigingen door heel Duitsland en ook in Nederland en België.

    De volgende keer dat je twijfelt: denk aan de Leipziger dokter Schreber, niet aan een schoolse ijveraar. Dan schrijf je het meteen goed.

  • Woher kommt der Begriff Schrebergarten? De herkomst uitgelegd

    Woher kommt der Begriff Schrebergarten? De herkomst uitgelegd

    De naam „Schrebergarten“ komt van de Duitse arts Moritz Schreber, die leefde van 1808 tot 1861. Hij bedacht het idee om kinderen in de open lucht te laten bewegen en spelen, en zijn naam werd later verbonden aan de volkstuintjesbeweging die uit dat gedachtegoed voortkwam. Opvallend genoeg had Schreber zelf nooit een tuin in de moderne zin van het woord voor ogen.

    Het is een van die gevallen waarbij een naam aan iets vastplakt dat de bedenker zelf nooit zo heeft bedoeld. Om te begrijpen waarom de term „Schrebergarten“ zo is gaan heten, moet je iets verder kijken dan alleen de man zelf.

    Wie was Moritz Schreber?

    Daniel Gottlob Moritz Schreber was een orthopedisch arts en pedagoog in Leipzig. Hij maakte zich grote zorgen over de lichamelijke gezondheid van kinderen in de snel groeiende industriesteden van de negentiende eeuw. Kinderen bewogen te weinig, speelden nauwelijks buiten en groeiden op in benauwd overbevolkte wijken. Schreber pleitte daarom voor beweging, frisse lucht en gymnastiek als middelen om de volksgezondheid te verbeteren.

    Hij schreef hier uitgebreid over, maar stierf in 1861 voordat zijn ideeën zich echt breed hadden verspreid. Een tuin aanleggen stond daarbij niet centraal in zijn plannen. Schreber dacht eerder aan speelplaatsen en sportterreinen voor de jeugd.

    Hoe de naam „Schrebergarten“ echt is ontstaan

    Na de dood van Moritz Schreber richtte Ernst Innocenz Hauschild, een arts en bewonderaar, in Leipzig een vereniging op ter nagedachtenis aan Schreber. Die vereniging legde speeltuinen aan voor kinderen, de zogenaamde „Schreberplätze“. Ouders die hun kinderen daarheen begeleidden, begonnen op de randen van die speelterreinen kleine stukjes grond te bewerken. Ze plantten er groenten en bloemen.

    Zo groeide de speeltuin langzaam uit tot een plek waar ook volwassenen hun eigen tuintje hadden. De combinatie van de naam Schreber en de tuinen die zich rondom zijn gedenkspeelplaats ontwikkelden, zorgde ervoor dat de term „Schrebergarten“ werd geboren. De naam heeft dus eigenlijk meer te maken met de speelplaatsen die naar hem werden vernoemd dan met tuinen die hij zelf heeft ontworpen of bepleit.

    Van Leipzig naar heel Duitsland en verder

    Vanuit Leipzig verspreidde het fenomeen zich snel. In de tweede helft van de negentiende eeuw groeiden steden razendsnel door de industrialisatie. Arbeidersgezinnen hadden geen eigen tuin, maar hadden wel behoefte aan een stukje groen en de mogelijkheid om zelf voedsel te verbouwen. De Schrebergärten voorzagen in die behoefte.

    In Duitsland kwamen er in korte tijd honderden volkstuincomplexen bij. De term „Schrebergarten“ werd de standaard benaming, ook al varieerden de lokale namen. In Nederland spreek je van volkstuinen, in België van een volkstuintje of kleingaard. In Engeland heet een vergelijkbaar concept een „allotment“. Maar in het Duitstalige gebied is de naam Schreber zo sterk verbonden met dit type tuin dat hij tot op vandaag wordt gebruikt.

    Waarom de naam bleef hangen

    De koppeling van een naam aan een maatschappelijk fenomeen werkt het sterkst als die naam al positief bekendstaat. Schreber was in Leipzig een gerespecteerde figuur, zijn ideeën over kinderwelzijn sloten aan bij een breed gevoeld probleem, en de speeltuinen die naar hem werden vernoemd, waren zichtbaar en populair. Toen de tuintjes zich als vanzelf ontwikkelden rondom die Schreberplätze, was de stap naar „Schrebergarten“ klein.

    Het is overigens niet ongewoon dat een naam vast komt te zitten aan iets wat de naamgever zelf niet heeft bedacht. Denk aan andere uitvindingen of bewegingen die vernoemd zijn naar iemand die de ideeën heeft geïnspireerd, maar niet de uitvoerder was.

    Kortom: woher kommt der Begriff Schrebergarten? De naam gaat terug op Moritz Schreber, een negentiende-eeuwse arts die pleitte voor buitenspelen en beweging voor kinderen. Zijn bewonderaars vernoemden speelplaatsen naar hem, en rondom die plekken groeiden de eerste volkstuintjes. Zo werd zijn naam voor altijd verbonden aan iets wat hij zelf nooit heeft aangelegd.

  • Bestandsschutz voor hagen in de kleintuin: wat mag je behouden?

    Bestandsschutz voor hagen in de kleintuin: wat mag je behouden?

    Een bestaande haag in een kleintuin valt in veel gevallen onder de zogeheten bestandsschutz: de bescherming van al aanwezige beplanting die niet zomaar verwijderd hoeft te werden, ook als ze strikt genomen niet aan de huidige regels voldoet. Of jouw haag onder die bescherming valt, hangt af van wanneer hij is geplant, welke soort het is en wat er in het pachtcontract en de tuinregels staat.

    Wat betekent bestandsschutz voor hagen in de kleintuin?

    Bestandsschutz betekent letterlijk „bescherming van de bestaande toestand“. In de context van kleingärten houdt het in dat een haag of heester die al stond voordat een nieuwe regel of nieuwe pachtovereenkomst van kracht werd, voorlopig mag blijven staan. De pachter hoeft hem niet te verwijderen puur omdat de regels sindsdien zijn aangescherpt. Zodra de haag echter ingrijpend wordt gewijzigd, verplaatst of vernieuwd, vervalt die bescherming. Daarna gelden de actuele regels voor de soort, de hoogte en de ligging.

    In de praktijk komt dit het vaakst voor bij oudere kleingärten waar decennialang dezelfde hagen stonden. De tuinvereniging constateert bij een controle dat de haag technisch te hoog is of uit een niet-toegestane soort bestaat, maar kan hem niet zonder meer laten verwijderen als hij er al stond vóór de huidige regels. De bewijslast ligt dan wel bij de pachter: het helpt om foto’s, oudere pachtovereenkomsten of getuigenverklaringen te hebben die aantonen dat de haag al lang aanwezig is.

    Welke hagen zijn in een kleintuin sowieso niet toegestaan?

    Bestandsschutz beschermt bestaande situaties, maar heeft grenzen. Bepaalde plantensoorten zijn in kleingärten principieel verboden, ongeacht hoe oud de haag is. Dat geldt voor niet-inheemse, invasieve soorten die de omgeving kunnen schaden. Een haag van Japanse duizendknoop (Fallopia japonica) of reuzenberenklauw valt nooit onder bestandsschutz, omdat de wetgeving rond invasieve exoten voorrang heeft.

    Naast invasieve soorten gelden er regels over welke sierstruiken überhaupt zijn toegestaan. Volgens richtlijnen van onder meer de Landesverband der Gartenfreunde geldt dat sierstruiken voor hagen alleen mogen worden gebruikt als ze van nature beperkt in hoogte blijven, of door regelmatig snoeien op de toegestane hoogte te houden zijn. Soorten die in de vrije natuur meters hoog worden en moeilijk in bedwang te houden zijn, worden afgewezen, zelfs als ze er al jaren staan.

    Hoogte en ligging: de concrete grenzen

    Voor nieuwe hagen gelden in de meeste kleingärtenverordnungen en pachtreglementen vaste maximale hoogtes. In veel gevallen is dat 1,20 meter aan de grenzen met buren of paden, en soms maximaal 1,80 meter aan de buitengrenzen van het complex. Een bestaande haag die deze maten overschrijdt, kan via bestandsschutz tijdelijk gedoogd worden, maar de vereniging mag wel eisen dat je hem bij het eerstvolgende snoeimoment terugbrengt tot de toegestane hoogte. Dó dat niet, dan kan de bescherming vervallen en volgt een formele aanschrijving.

    De afstand tot het tuinpad of de erfgrens telt ook mee. Een haag die op de grens staat of daar overheen groeit, moet hoe dan ook gesnoeid worden, ongeacht de leeftijd. Bestandsschutz geldt voor de aanwezigheid van de haag, niet voor elke centimeter groei die hij sindsdien heeft doorgemaakt.

    Wanneer vervalt de bestandsschutz?

    Er zijn een paar situaties waarin de bescherming van een bestaande haag automatisch vervalt:

    • Je vervangt de haag (volledig of gedeeltelijk) door een andere soort.
    • Je rooit de haag en plant hem opnieuw, ook op dezelfde plek.
    • De pachtovereenkomst wordt beëindigd en een nieuwe pachter neemt de tuin over. De nieuwe pachter moet dan voldoen aan de huidige regels.
    • De tuinvereniging stelt een overgangstermijn in die inmiddels verlopen is.

    In het laatste geval geven sommige verenigingen bij een nieuw reglement een overgangstermijn van enkele jaren, waarbinnen bestaande hagen alsnog in orde gemaakt moeten worden. Na die termijn is de bestandsschutz definitief voorbij.

    Wat te doen als de vereniging jouw haag wil laten verwijderen?

    Krijg je een schriftelijke aanschrijving? Reageer dan ook schriftelijk en onderbouw dat de haag al stond vóór de betreffende regel. Verzamel bewijs: foto’s met datum, een oude luchtfoto, een verklaring van een vorige pachter, of een vermelding in een ouder pachtcontract. Dien een formeel bezwaar in bij het bestuur van de vereniging.

    Kom je er niet uit, dan kun je terecht bij de Schlichtungsstelle van de regionale kleingartenbond. Dat is een bemiddelende instantie die dit soort conflicten zonder rechter probeert op te lossen. Een advocaat inschakelen is een volgende stap, maar in de praktijk worden de meeste hagenkwesties via de bond opgelost.

    Samengevat: bestandsschutz voor een haag in de kleintuin is reëel, maar niet onbeperkt. Hij beschermt wat er al stond, niet wat er sindsdien bijgegroeid is of wat je zelf veranderd hebt. Zorg voor bewijs van de ouderdom van je haag, houd je aan de snoeiregels en spreek bij twijfel tijdig met het bestuur, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.

  • Gartenlaube mit asbest: wat kost de verwijdering en afvoer?

    Gartenlaube mit asbest: wat kost de verwijdering en afvoer?

    De kosten voor het verwijderen en afvoeren van asbest uit een gartenlaube lopen in Duitsland al snel op tot enkele honderden tot meerdere duizenden euro’s, afhankelijk van de hoeveelheid materiaal, het type asbest en de regio. Dit is geen klus die je zelf mag doen: het verwijderen van asbest door particulieren zonder vergunning is wettelijk verboden en strafbaar. Je bent verplicht een gecertificeerd bedrijf in te schakelen.

    Wat bepaalt de kosten van gartenlaube asbest entsorgen?

    De uiteindelijke prijs hangt af van een aantal concrete factoren. De belangrijkste zijn het type asbestmateriaal, het dakoppervlak en de bereikbaarheid van de schuur. Gebonden asbest, zoals golfplaten (Welleternitplatten) op het dak, is minder gevaarlijk dan los of verweerd asbest en daardoor ook iets goedkoper te verwerken. Losgekomen of gebroken platen verhogen de prijs, omdat het risico op vezelvrijstelling groter is en strengere veiligheidsmaatregelen nodig zijn.

    Een klein tuinhuisje met een dak van circa 20 vierkante meter valt naar schatting rond 2026 ergens tussen de 500 en 1.500 euro voor demontage, afvoer en officiële verwerking, maar dit is geen vaste prijs. Voor grotere oppervlakken of complexere situaties, zoals meerdere lagen of beschadigd materiaal, kunnen de kosten flink hoger uitvallen.

    Overzicht: kostenfactoren op een rij

    • Type asbest: gebonden (dakplaten) is goedkoper dan los of aangetast asbest.
    • Hoeveelheid materiaal: prijs stijgt per vierkante meter of per container.
    • Arbeidskosten: demontage, verpakking en transport vereisen gecertificeerd personeel.
    • Afvoerkosten (Entsorgungskosten): asbest moet naar een erkende stortplaats; de verwerkingskosten per ton of per big bag zijn wettelijk vastgelegd.
    • Regio: prijzen verschillen per deelstaat en gemeente.
    • Bereikbaarheid: een moeilijk bereikbaar perceel of krap tuinpad verhoogt de arbeidsuren.

    Waarom het zelf doen verboden is

    Op diverse vakfora, waaronder Gartenforum.de, wordt benadrukt dat privépersonen wettelijk niet zelf aan asbest mogen werken. Dit geldt ook voor het demonteren van dakplaten van een tuinhuisje. De reden is het gezondheidsrisico: asbestvezels zijn onzichtbaar, ze blijven lang in de lucht en kunnen bij inademing ernstige longziekten veroorzaken, waaronder mesothelioom. Overtreding kan leiden tot strafrechtelijke vervolging en hoge boetes, los van de medische risico’s.

    Alleen bedrijven met een erkende opleiding en de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen mogen asbestverwijdering uitvoeren. Dit is geregeld in de DGUV Regel 101-004 en de technische regels TRGS 519 (Technische Regeln für Gefahrstoffe). Controleer altijd of het bedrijf dat je inschakelt een geldig certificaat heeft.

    Wat mag je zelf regelen?

    Hoewel de demontage en afvoer professioneel moeten gebeuren, kun je als eigenaar wel voorbereidingen treffen. Zorg dat de omgeving toegankelijk is voor het bedrijf, verwijder losse spullen uit het tuinhuisje en informeer van tevoren bij de gemeente of er lokale subsidies zijn voor asbestverwijdering. In sommige gemeenten en deelstaten bestaan ondersteunende regelingen, al zijn die niet overal beschikbaar.

    Vraag altijd minimaal drie offertes op bij verschillende gecertificeerde bedrijven. De prijsverschillen kunnen groot zijn, puur door verschillen in arbeidskosten en de afstand tot de dichtstbijzijnde erkende verwerkingsinstallatie. Laat je nooit verleiden door een bedrijf dat aanbiedt het werk goedkoop „zonder papieren“ te doen: jij bent als eigenaar medeverantwoordelijk als het asbest niet correct wordt afgevoerd.

    Hoe verloopt de officiële afvoer?

    Het gecertificeerde bedrijf verpakt de asbestmaterialen ter plaatse in speciale, afgesloten zakken of big bags. Deze worden voorzien van de wettelijk verplichte gevarenlabels en getransporteerd naar een erkende asbestverwerkingsinstallatie. Je ontvangt daarna een bewijs van verwijdering (Entsorgungsnachweis), wat verstandig is om te bewaren. Dit document bewijst dat het asbest legaal is afgevoerd, wat van belang kan zijn bij een latere verkoop van het perceel of bij eventuele controles door de gemeente.

    Bij twijfel of het dak van jouw gartenlaube daadwerkelijk asbest bevat, kun je een stukje materiaal laten analyseren door een gecertificeerd laboratorium voordat je een verwijderingsbedrijf inschakelt. Zo weet je zeker waar je aan toe bent en ontvang je een realistische offerte.

  • Koniferen im Kleingarten: wat betekent bestandsschutz voor jou?

    Koniferen im Kleingarten: wat betekent bestandsschutz voor jou?

    Als je koniferen in je kleintuin hebt staan die eigenlijk niet meer zijn toegestaan volgens het huidige tuinreglement, dan geldt voor die planten vaak bestandsschutz. Dat betekent: bestaande koniferen die er al stonden voordat het verbod inging, mogen blijven staan. Je hoeft ze niet te verwijderen, zolang je ze niet vervangt of uitbreidt. Dit is een belangrijk onderscheid dat veel kleintuinders niet kennen.

    Bestandsschutz is geen wettelijk recht dat altijd en overal geldt, maar een principe dat in veel Kleingärtnervereine (KGV) praktisch wordt toegepast. De precieze regels verschillen per vereniging en per tuinrechtcontract. Het is dus altijd slim om je eigen tuinreglement en het vonnis van je KGV goed te lezen.

    Wanneer geldt bestandsschutz voor koniferen in de kleintuin?

    Bestandsschutz geldt in de meeste gevallen als de koniferen er al stonden op het moment dat een nieuw verbod van kracht werd. Stel: jouw KGV heeft in 2018 besloten dat nieuwe koniferenhaagjes niet meer zijn toegestaan. Jouw haag stond er al in 2010. Dan valt die haag in principe onder de bestaande situatie en mag hij blijven.

    Er zijn wel voorwaarden. De koniferen mogen niet groeien tot een hoogte of breedte die het reglement ook vóór het verbod al niet toestond. Worden ze te hoog, te breed, of veroorzaken ze schaduw op buurtuinen of paden, dan verlies je het recht op bescherming van de bestaande situatie. De regel „hij stond er al“ is geen vrijbrief voor ongecontroleerde groei.

    Sterft een boom of haag af, dan geldt de bescherming niet meer voor vervanging. Je mag een dode conifeer in de meeste gevallen niet vervangen door een nieuwe, als koniferen inmiddels verboden zijn. Dit is een veelgemaakte fout: tuinders denken dat „dezelfde plant terugzetten“ hetzelfde is als de bestaande situatie handhaven, maar dat is het niet.

    Wat staat er in het tuinreglement?

    Veel KGV-reglementen verbieden koniferen tegenwoordig expliciet. De reden is praktisch: coniferen groeien snel, geven veel schaduw, zuren de bodem aan en passen niet bij de doelstelling van kleintuinen als productieve groentebeplanting. Maar het reglement zegt lang niet altijd iets over de bestaande situatie.

    Staat er in jouw reglement alleen „koniferen zijn verboden“ zonder nadere toelichting? Dan is er een grijs gebied. In dat geval is het verstandig om schriftelijk bij het bestuur van je KGV te vragen of voor jouw bestaande aanplant bestandsschutz geldt. Leg dat antwoord vast, bij voorkeur ook schriftelijk. Zo heb je iets op papier als er later discussie over ontstaat.

    In de praktijk laten veel verenigingen bestaande koniferen oogluikend staan totdat de tuin wordt overgedragen aan een nieuwe huurder. Bij overdracht moet de nieuwe huurder de tuin in overeenstemming brengen met het huidige reglement, wat betekent dat verboden koniferen dan alsnog moeten worden verwijderd.

    Praktisch: wat doe je als je twijfelt?

    • Zoek in je tuincontract en het huishoudelijk reglement naar de exacte formulering over koniferen.
    • Controleer of er een datum staat waarop het verbod is ingegaan.
    • Vraag schriftelijk aan het bestuur of jouw bestaande aanplant onder bestandsschutz valt.
    • Snoeide je de planten regelmatig en blijf ze binnen de toegestane afmetingen? Dan is de kans op bezwaar het kleinst.
    • Plan je de tuin over te dragen? Houd er dan rekening mee dat de nieuwe huurder de koniferen mogelijk moet verwijderen.

    Bestandsschutz en koniferen: de grenzen

    Bestandsschutz beschermt wat er was, niet wat je er daarna van maakt. Een koniferenheg die tot twee meter hoog was bij invoering van het verbod, mag niet daarna doorgroeien tot vier meter met een beroep op die bescherming. Je bent als huurder verplicht de planten te onderhouden en te snoeien zodat ze niet in conflict komen met de regels die wél van toepassing zijn, zoals maximale hoogtes voor hagen of schaduwvrije zones voor buurpercelen.

    Doet de KGV een officieel verzoek om verwijdering, zelfs voor bestaande planten? Dan is het zinvol om juridisch advies in te winnen. De Bundeskleingartengesetz (BKleingG) regelt de algemene kaders voor kleintuinen in Duitsland, maar de concrete toepassing van bestandsschutz hangt sterk af van de individuele situatie en het specifieke reglement van jouw vereniging.

    Kort gezegd: koniferen die er al stonden mogen in veel gevallen blijven, maar alleen als je ze netjes onderhoudt, ze niet uitbreidt en ze niet vervangt als ze afsterven. Overleg met het bestuur en leg afspraken schriftelijk vast. Dat voorkomt verrassingen, zeker als je de tuin later doorgeeft.

  • Kündigung Pachtvertrag Kleingarten: Muster und was du beachten musst

    Kündigung Pachtvertrag Kleingarten: Muster und was du beachten musst

    Ein Muster für die Kündigung eines Kleingartenpachtvertrags ist ein einfaches Schreiben, mit dem du das Pachtverhältnis zwischen dir als Pächter und dem Kleingartenverein oder Verpächter formal beendest. Die Kündigung ist grundsätzlich formlos möglich, das heißt, es gibt keine gesetzlich vorgeschriebene Form. Trotzdem empfiehlt sich immer die Schriftform, damit du die Kündigung im Zweifelsfall nachweisen kannst.

    Was ein Muster für die Kündigung eines Kleingartenpachtvertrags enthalten muss

    Ein gutes Kündigungsschreiben für einen Kleingartenpachtvertrag braucht keine komplizierte Sprache. Es reicht, wenn folgende Angaben enthalten sind:

    • Dein vollständiger Name und deine Adresse
    • Name und Adresse des Vereins oder Verpächters
    • Das Datum des Schreibens
    • Eine eindeutige Bezeichnung des Kleingartens (Parzellennummer, Lage)
    • Der ausdrückliche Wunsch, den Pachtvertrag zu kündigen
    • Das gewünschte Kündigungsdatum oder der Hinweis auf die geltende Kündigungsfrist
    • Deine Unterschrift

    Optional kannst du auch kurz den Grund für die Kündigung nennen, zum Beispiel Umzug oder persönliche Gründe. Gesetzlich verpflichtend ist das aber nicht.

    Musterschreiben: Kündigung Pachtvertrag Kleingarten

    Hier ist ein konkretes Muster, das du direkt verwenden kannst. Passe die Felder in eckigen Klammern an deine Situation an:

    [Dein Vorname Nachname]
    [Straße Hausnummer]
    [PLZ Ort]
    [Datum]

    [Name des Kleingartenvereins oder Verpächters]
    [Straße Hausnummer]
    [PLZ Ort]

    Betreff: Kündigung des Kleingartenpachtvertrags, Parzelle [Nummer/Bezeichnung]

    Sehr geehrte Damen und Herren,

    hiermit kündige ich den mit Ihnen geschlossenen Kleingartenpachtvertrag für die Parzelle [Nummer/Bezeichnung] fristgerecht zum [Kündigungsdatum, z. B. 30. November des laufenden Jahres].

    Ich bitte Sie, mir den Eingang dieser Kündigung schriftlich zu bestätigen.

    Mit freundlichen Grüßen,

    [Deine Unterschrift]
    [Dein Name in Druckbuchstaben]

    Kündigungsfristen beim Kleingartenpachtvertrag

    Die Kündigungsfrist für einen Kleingartenpachtvertrag richtet sich in Deutschland nach dem Bundeskleingartengesetz (BKleingG). Dort ist geregelt, dass die ordentliche Kündigung nur zum 30. November eines Jahres möglich ist, und zwar mit einer Frist von drei Monaten. Das bedeutet: Du musst spätestens bis zum 31. August kündigen, damit die Kündigung zum 30. November des gleichen Jahres wirksam wird.

    Wenn dein Pachtvertrag abweichende Regelungen enthält, gelten diese, sofern sie nicht gegen das Bundeskleingartengesetz verstoßen. Lies deinen Vertrag also immer genau durch, bevor du das Kündigungsschreiben absendest.

    Ordentliche en außerordentliche Kündigung: het verschil

    Er zijn twee vormen van opzegging die je moet onderscheiden. De gewone opzegging (ordentliche Kündigung) volgt de wettelijke termijn van drie maanden vóór 30 november. De buitengewone opzegging (außerordentliche Kündigung) is mogelijk bij een zwaarwegende reden, bijvoorbeeld als de verpachter de tuin zonder jouw toestemming betreedt of de overeengekomen bestemming niet meer te realiseren is. Bij een buitengewone opzegging kun je ook buiten de vaste datum opzeggen, maar je moet de reden dan duidelijk in je brief benoemen.

    Waar je de kündigung naartoe stuurt

    Stuur het Kündigungsschreiben altijd aangetekend (per Einschreiben). Zo heb je bewijs dat de brief is aangekomen en wanneer. De ontvanger is normaal gesproken het bestuur van jouw Kleingartenverein of de directe verpachter, afhankelijk van hoe je pachtcontract is geregeld. Vraag daarna altijd om een schriftelijke bevestiging van de ontvangst van je opzegging.

    Wat er daarna nog geregeld moet worden

    Na de kündigung volgt meestal een overdracht van de tuin. Daarbij wordt gekeken naar de staat van de plek: zijn alle bouwwerken in orde, zijn er planten of constructies die verwijderd moeten worden? In veel gevallen wordt ook de waarde van de tuinhuisje en beplanting getaxeerd, zodat een opvolgende pachter jou daarvoor kan vergoeden. Informeer tijdig bij je vereniging hoe die overdracht precies verloopt, want dit kan per Kleingartenverein verschillen.

    De kündigung van een Kleingartenpachtvertrag is niet ingewikkeld, zolang je de termijnen in acht neemt en de brief aangetekend verstuurt. Gebruik het bovenstaande Muster, pas het aan op jouw situatie en vraag altijd om een ontvangstbevestiging. Zo sluit je het pachtverhältnis correct en zonder problemen af.

  • Muster Bewerbung Kleingarten als PDF: zo stel je een goede aanvraag op

    Muster Bewerbung Kleingarten als PDF: zo stel je een goede aanvraag op

    Een voorbeeld van een bewerbung kleingarten als PDF vind je bij de meeste kleingartenvereine op hun officiële website, vaak als downloadbaar formulier. Je vult dit in met je persoonlijke gegevens, contactinformatie en soms een korte motivatie, en stuurt het op naar het bestuur van de vereniging. Hieronder lees je precies wat zo’n formulier bevat, hoe je het goed invult en wat je verder moet regelen.

    Wat staat er in een muster bewerbung kleingarten PDF?

    Een standaard bewerbungsformular voor een kleingarten vraagt doorgaans om de volgende gegevens:

    • Volledige naam en adres
    • Telefoonnummer en e-mailadres
    • Eventueel de grootte van de gewenste tuin (in m²)
    • Voorkeur voor een bepaalde locatie of plek binnen het complex
    • Aantal personen in het huishouden dat de tuin gebruikt
    • Soms: een korte motivatiebrief of toelichting waarom je een kleingarten wilt

    Sommige verenigingen, zoals Kleingartenverein „Am Bultkamp“ e.V., bieden het formulier rechtstreeks aan als PDF-download via hun website. Je hebt daarvoor Adobe PDF Reader of een vergelijkbaar programma nodig om het bestand te openen en in te vullen.

    Waar vind je een PDF-voorbeeld voor je aanvraag?

    De beste plek om een bewerbungsformular te vinden is de website van de specifieke kleingartenverein waarbij je wilt inschrijven. Veel verenigingen hebben een downloadpagina met formulieren. Zoek op de naam van de vereniging plus het woord „Bewerbungsformular“ of „Download“. Staat er geen formulier online, dan kun je de vereniging ook rechtstreeks mailen of bellen om het formulier op te vragen.

    Heb je geen specifieke vereniging in gedachten, dan kun je ook bij de lokale Kleingärtnerverband in jouw stad of regio terecht. Die organisaties zijn aangesloten bij de Deutscher Bundeskleingärtnerverband (BKD) en kunnen je doorverwijzen naar beschikbare tuinen en de bijbehorende aanvraagprocedure.

    Hoe vul je het formulier goed in?

    Vul alle velden volledig in. Een veelgemaakte fout is het leeg laten van het veld voor „Haushaltsgröße“ of het niet vermelden van een contacttelefoonnummer. Besturen behandelen volledige aanvragen sneller. Schrijf je gegevens duidelijk en leesbaar, zeker als je het formulier met de hand invult.

    Voeg bij voorkeur een korte motivatie toe, ook als dat niet verplicht is. Vertel waarom je een tuin wilt en wat je ermee van plan bent, bijvoorbeeld groenten kweken, ontspanning of tuinieren met kinderen. Dat maakt je aanvraag persoonlijker en geeft het bestuur een beter beeld van jou als potentieel lid.

    Stuur het ingevulde formulier per e-mail of post op, afhankelijk van wat de vereniging aangeeft. Bewaar zelf ook een kopie van je aanvraag.

    Hoe lang duurt het voordat je een reactie krijgt?

    De wachttijd verschilt sterk per locatie en per vereniging. In grote steden kan de wachtlijst voor een kleingarten meerdere jaren lang zijn. In kleinere plaatsen of landelijke gebieden is de wachttijd soms veel korter. Na het indienen van je formulier ontvang je doorgaans een bevestiging dat je op de wachtlijst staat. Houd contact met de vereniging, want als je niet reageert op een aanbod, kun je je plek op de lijst verliezen.

    Moet je lid worden van de vereniging?

    Ja, in vrijwel alle gevallen ben je verplicht lid te worden van de kleingartenverein als je een tuin huurt. Daarbij betaal je jaarlijks een bijdrage voor het lidmaatschap, naast de huurprijs voor de tuin zelf. De hoogte van beide bedragen verschilt per vereniging en per regio. Informeer hier altijd naar voordat je de aanvraag instuurt, zodat je weet waar je financieel aan toe bent.

    Het invullen van een muster bewerbung kleingarten als PDF is de eerste concrete stap naar je eigen volkstuin. Zoek het formulier op bij de vereniging van jouw keuze, vul het volledig in en stuur het zo snel mogelijk op, want de wachtlijsten kunnen lang zijn. Neem bij twijfel over de procedure gewoon contact op met het bestuur, zij helpen je verder.